Medisch: Hematopoëse

Bloedcellen hebben een beperkte levensduur. Rode bloedcellen leven 't langst, ongeveer vier maanden. Witte bloedcellen leven gemiddeld enkele dagen en bloedplaatjes zo’n acht tot tien dagen. Er moeten dus voortdurend nieuwe cellen aangemaakt worden. En ook nog eens heel veel. In totaal worden er per minuut 350 miljoen bloedcellen in je lichaam aangemaakt.

Nieuwe bloedcellen worden aangemaakt in je beenmerg. Het beenmerg (een verzameling onrijpe en rijpende cellen) en de bloedcellen worden gevormd in de mergholten van je botten. Bij volwassenen vooral in de borstkas, de ribben, het bekken, de wervels, de bovenarmen en de schedel. Bij kinderen gebeurt dat nog in alle botten.

Alle soorten bloedcellen ontstaan vanuit dezelfde stamcellen in het rode beenmerg. Onder invloed van diverse stoffen ontwikkelen ze zich tot de verschillende rijpe bloedcellen. We noemen dit proces hematopoëse.

Wanneer de bloedcellen rijp zijn worden ze uitgestoten, en worden ze opgenomen in je bloedbaan.

Erytropoëse

De ontwikkeling van de rode bloedcel in het rode beenmerg, heet erytropoëse. Tijdens dit proces vormt een pro-erytroblast zich tot een normoblast (een voorloper van de rode bloedcel).

Nadat de normoblast zijn kern heeft afgestoten komt de cel als reticulocyt in de bloedbaan. In de bloedbaan ontwikkelt de reticulocyt (een onvolgroeide rode bloedcel) zich tot erytrocyt (een rijpe rode bloedcel).

Leukopoëse

De ontwikkeling van de witte bloedcel heet leukopoëse. Vanuit de myeloblast (dat is een voorloper van de witte bloedcel) kunnen zich neutrofiele, eosinofiele en basofiele granulocyten vormen. Deze witte bloedcellen komen in de bloedbaan terecht. Hier blijven ze, maar ze kunnen zich ook aan de wand van een bloedvat hechten of doordringen in de verschillende weefsels van je lichaam.

De monoblast vormt monocyten, die in de bloedbaan terechtkomen. Een deel hiervan verhuist naar de milt en wordt daar opgeslagen. Een ander deel blijft in de bloedbaan en dringt enkele dagen later door in je lichaamsweefsels, waarna de monocyt zich verder ontwikkelt tot macrofaag.

Trombopoëse

De ontwikkeling van de bloedplaatjes heet trombopoëse.
Een megakaryoblast (een voorloper van bloedplaatjes) kan zich uiteindelijk ontwikkelen tot een megakaryocyt. Deze kan zich verdelen in heel veel kleine deeltjes, de bloedplaatjes, die in je bloedbaan terecht komen.

Lymfopoëse

De ontwikkeling van de lymfocyten heet lymfopoëse. De lymfoïde cellen ontwikkelen zich niet vanuit de myeloïde stamcel, maar vanuit de lymfoïde stamcel. Deze kan zich ontwikkelen tot lymfoblast en uiteindelijk tot B-lymfocyt, T-lymfocyt en/of Natural Killer cel.

De B-lymfocyt komt in de bloedbaan terecht en in het lymfestelsel. De T-lymfocyt verhuist al vroeg vanuit het beenmerg naar de zwezerik (ofwel thymus) om daar verder uit te rijpen.
Uiteindelijk zijn er dus heel wat stappen nodig om al die soorten cellen te vormen. Als al deze stappen goed verlopen ontwikkel je een normaal bloedbeeld. Als een van deze stappen anders verloopt kun je een afwijkend bloedbeeld ontwikkelen en eventueel ziek worden.