Veelgestelde vraag: Waaruit bestaat de voorbereiding voor een niertransplantatie?

Eerst moet je weten welke nierziekte de oorzaak is van je terminale nierinsufficiëntie. Dat is belangrijk omdat je niet wilt dat die ziekte in de getransplanteerde nier terugkomt. Als daar grote kans op is, kun je soms geen nier van een familielid krijgen. Dat is jammer, want het heeft voordelen om een nier van een familielid te krijgen: de transplantatie kan worden gepland, en soms is er geen dialyse nodig.

Verder mogen er geen blaasproblemen zijn: de urine moet goed uit je nier naar je blaas kunnen stromen. Er mogen geen infecties door reflux zijn en geen opzwelling van je nier door ophoping van urine. Bij problemen kan de kinderuroloog helpen.

De donornier die je van een ander krijgt moet passen bij je lichaam. Dat heet een match. Op twee gebieden moet er een match zijn:
1 de bloedgroep moet matchen.
2 de HLA-typering (weefseltypering) moet overeenkomen. HLA (human leukocyte antigen) is een erfelijk kenmerk van witte bloedcellen. Voor de match kijken we naar drie labels van HLA (A, B en DR). Alhoewel er meer labels zijn, wordt daar bij transplantatie geen rekening gehouden.

Belangrijk bij de voorbereiding:
3 je mag geen antistoffen in je bloed hebben als ontvanger. Die kun je krijgen als je veel bloedtransfusies hebt gehad, of als je bloed tijdens de zwangerschap is vermengd met het bloed van je moeder of als je al een eerdere niertransplantatie hebt gehad en je lichaam daartegen antistoffen heeft aangemaakt.
4 je moet alle vaccinaties hebben gehad. Dat is belangrijk omdat je door de afweeronderdrukkende behandeling na de transplantatie heel ziek kunt worden van virussen zoals waterpokken of mazelen. De vaccins voor deze ziekten zijn namelijk levend verzwakt.

Verder mag je geen infectie, kanker of een ernstige hart- en vaatziekte hebben, omdat de kans dat de operatie slaagt dan heel klein is.

Relevante medische informatie

Niertransplantatie

Hoe belangrijk is het om de medicijnen in te nemen?
Hoe groot is de kans op afstoting na een niertransplantatie?
Hoe kun je de afstoting van de getransplanteerde nier behandelen?
Hoe kun je je kansen op school en op werk vergroten na een niertransplantatie?
Hoe lang moet je als kind wachten op een donornier?
Hoe staat het met de bijwerking van de medicijnen die afstoting moeten voorkomen na een niertransplantatie?
Hoe verloopt de behandeling en begeleiding na de niertransplantatie?
Hoe verloopt de behandeling met medicijnen om afstoting te voorkomen voor en na een niertransplantatie?
Hoe wordt de nier getransplanteerd (de operatie)?
Hoeveel mag je drinken na een niertransplantatie?
Kan de ziekte die je had voor de niertransplantatie weer terugkomen in de getransplanteerde nier?
Kun je sporten na een niertransplantatie?
Met welke medicijnen kun je afstoting (rejectie) van de getransplanteerde nier voorkomen?
Van wie kun je een donornier krijgen?
Waarom is medicatie innemen een probleem?
Waaruit bestaat de voorbereiding voor een niertransplantatie?
Wanneer kom je in aanmerking voor een niertransplantatie?
Wat is het risico op trombose en hoe kan dat voorkomen worden na een niertransplantatie?
Welke andere opties zijn er als anti-afstotingsmedicijnen te veel bijwerkingen geven?
Welke andere voorzorgsmaatregelen kun je nemen om gezond te blijven?
Welke bijwerkingen van anti-afstotingsmedicijnen kunnen optreden na niertransplantatie?
Welke complicaties kunnen optreden na een niertransplantatie?
Welke infecties kunnen optreden na een niertransplantatie?